ziek

Dit is een gastcolumn door Susan Henstra, cursist van Ceen franse apotheekreatief Schrijven.

Als kleuter op de Franse camping raakte ik enorm aan de dunne. ‘s Nachts haalde ik de wc niet en belandde ik in onmogelijke posities naast de tent. Mijn vader nam me mee naar de dokter. Van de grote tas pillen, poeders en een drankje, gaf mijn moeder mij alleen het poedertje en veel bekers water. De rest gooide ze weg. Twee dagen later was ik weer de oude.

Ook de Franse liefde die ik een jaar geleden opduikelde, lijdt aan een lichte vorm van hypochondrie. Onze gemeenschappelijke kast is grotendeels gevuld met zijn medicijnvoorraad. Toen ik hem laatst een rood plekje op mijn arm liet zien, verwees hij me direct door naar de huisarts. Voor een stukje schrale huid!

Vorige week reisde ik met hem af naar de Zuid-Franse campagne. Ik ben nog niet erg vertrouwd met zijn familie, dus aangepast gedrag zou wel op zijn plaats zijn. Maar na enkele dagen sloeg de ontspanning toe en vergat ik me in te houden. Na een voorzetje van mijn vriend omschreef ik hét typische Franse dorp als een verzameling van een bakker, een Bar-Tabac en een apotheek die zo groot is als de rest van het dorp bij elkaar. Aan de geschokte vragen van zijn familie en de ongemakkelijke stilte daarna merkte ik wel dat dit alleen voor mij opvallend is.

Tijdens de stilte dacht ik aan het cultuurrelativisme dat er tijdens mijn studie culturele antropologie ingestampt is. Elke cultuur heeft zijn eigen orde, zijn eigen regels. Ik vind het al snel overdreven om je vol te stoppen met farmaceutische rommel. Maar volgens mijn vriend ga ik pas naar de dokter als mijn been op drie plekken gebroken is. Een lichamelijke APK op zijn tijd is volgens hem zo gek nog niet. En ja, mijn oerhollandse opa viel inderdaad zomaar dood neer, nadat hij het bloed bij zijn plas al maanden niet zo zorgwekkend vond.

Misschien moet ik toch maar eens dat plekje op mijn huid laten controleren.

WhatsApp Heb je een vraag? App gerust!